woensdag 6 juli 2011

Peru, donderdag 6 juli 1995

Na het ontbijt gaan we met een vlot Lake Salvador op. We zien er prachtige vogels en zelfs kaaimannen. In het water zitten ook verschillende soorten piranha's. Een beetje verder zitten een paar reuze otters. Ondertussen pakken de wolken samen boven het meer en niet veel later valt de eerste regen. Het duurt gelukkig niet lang. De gids vertelt ons dat hij wel even wil zwemmen. Wij kijken elkaar aan vol verbazing?? Hier zwemmen ? Tussen die kaaimannen en al die piranha's en die “Willi-fischkes”. Hij zegt dat het geen probleem is. Er is nu voedsel genoeg in het water, en als je niet bloedt moet je geen schrik hebben om hier te zwemmen. Tino gaat als eerste in het water. Later volgt ook Justin ,Raf en Geert. Ik besluit ook maar eens een korte plons te wagen. Kan ik toch eens stoeffen dat ik tussen kaaimannen en piranha’s heb gezwommen. Lang blijf ik wel niet in het water want ik betrouw het toch niet echt.
In de namiddag maken we onze eerste tocht door het regenwoud zelf. We krijgen veel apen, papegaaien, vogels en insecten te zien. De bomen zijn prachtig en vrij hoog.
Na de zonsondergang en het avondeten keren we rond 19u00 terug naar het meer. We gaan opzoek met het vlot naar kaaimannen. Iedereen heeft zijn zaklantaarn mee. We schijnen met onze zaklampen over het water oppervlak. Nu moet je weten, een oog van een kaaiman licht even fel op als dat van een kat in het donker wanneer je met een lamp in haar oog schijnt. Het enige verschil is dat de kleur niet groen is maar oranjerood. Blijkbaar zitten er nu veel meer kaaimannen dan we in de dag hebben gezien.Op verschillende plaatsen lichten ogen op. We naderen tot zeer dicht bij een kaaiman. Als we nog ongeveer 10 m van hem verwijderd zijn, duikt hij onder. Ik zou nu toch niet graag in het water vallen. Enkele kaaimannen troffen we aan in het midden van het meer, maar de meesten hielden zich verscholen onder de laag hangende takken en struikgewas. Kaaimannen komen alleen maar naar het midden van het meer als het helemaal donker is. Dus als er geen maan is. Vermits hun ogen altijd open blijven zal het minste licht hun rust vertoren. Onder de bomen is het donkerder, dus daar vindt je ook de meeste kaaimannen. Rond 21u00 keren we terug en gaan we slapen.