‘s Morgensvroeg ten huize Blanco wordt er een schaap geslacht. Als ontbijt hebben we warme broodjes met kaas. Als verder gerecht wordt er de schapenballen en de penis geserveerd. Hier moet ik toch eens over nadenken of ik hier van ga eten. De balletjes zien er uit als gehaktballetjes. Toch maar eens proeven. Het is niet slecht maar alleen het gedacht ...
Het grootste deel van het schapenvlees wordt zo snel mogelijk verwerkt. Vlees kan niet bewaard worden omdat er geen diepviezer is. Elektriciteit is er enkel 's avonds als ze een generator starten. 
Vandaag brengen we een bezoekje aan kennissen van de familie Blacnco in Celendin. Dit dorp ligt op 120 km van Cajamarca. De weg naar Celendin is in het begin nog goed, maar al snel wordt dit een ramp. De vele gaten in de weg maken er geen plezierrit van. In de "pick-up" van Marchal is geen plaats genoeg is voor 6 personen. Daarom zitten Raf, Geert en ik vanachteren in de laadruimte in openlucht. Vermits het al een tijd niet geregend heeft vliegt het stof langs alle kanten rond. Het duurt dan ook niet lang of we zitten onder het stof.
Tegen de middag zetten we ons even aan de kant van de weg om wat te eten. Jeanne had nog wat eten gemaakt voor onderweg.
We laten het ons wel smaken.
De rit gaat verder over de stoffige wegen. Onderweg zijn er vele wilde honden die de auto als een gek achterna lopen. Ze blaffen en springen als dolle honden. Ze proberen de wagen aan te vallen en bijten naar de wielen. Het duurt dan ook niet lang voordat er een hond onder het wiel terecht komt. Kaiit kaiit..Na een helse rit komen we in de late namiddag aan in Celendin. We worden hartelijk ontvangen door de kennissen van de familie Blanco. In hun woning zullen we ook de nacht doorbrengen. Na kennis gemaakt te hebben vertrekken we naar een wat verder gelegen uitkijk plaats. De rit er naar toe is wederom vreselijk. Ik ben helemaal dooreen geschud.
Een uitzicht daarentegen is adembenemend. Je kan hier zeer ver kijken over een soort van canyon. Het geluid word ook goed overgedragen. Diep beneden in het dal hoor ik muziek. Het is een prachtig uitzicht. Als we terugkeren wacht ons in Celendin een avondmaal bij het gastgezin. Na het avondmaal is er ook hier een feest in het dorp met vuurwerk. En ook hier weer hetzelfde liedje. Omdat ik zo groot en blond van haar ben word ik weer bekeken als het zoveelste wereldwonder. Ik begin het stilaan wel gewoon te worden. Ik denk dat ik er eens wat geld voor moet gaan vragen.
Vuurwerk aansteken lijkt hier een plezierige gebeurtenis. Het word gewoon van uit de hand afgeschoten. Soms ontploft er een op de grond. Wanneer Raf en ik naar het toilet gaan stuiten we aan een cafe op een groepje Peruanen die ons “Picso-cola” aanbieden. (Pisco is een soort jenever). De fles en een beker worden doorgegeven en iedereen neemt keer op keer een goede slok. Na een paar glazen wordt er een tweede fles besteld. Ja, die Peruanen weten wat feest vieren is. Intussen wordt de grote vuurwerktoren aangestoken. Het is wel niet zo spectaculair dan in Cajamarca, maar het kan ermee door.
Als we terug aankomen bij de kenissen, wordt ons de slaapplaats toegewezen. Ik slaap op de grond op mijn matje en in mijn slaapzak. Nu moet ik weer denken aan wat Tino (onze gids van het regenwoud) zei over de “housespider”. Deze spin komt voor in huizen en een beet is dodelijk. Wanneer ze in het nauw gedreven wordt valt ze aan. Ik hoop dat er deze nacht zo geen spin over mijn slaapzak wandelt.

Vandaag brengen we een bezoekje aan kennissen van de familie Blacnco in Celendin. Dit dorp ligt op 120 km van Cajamarca. De weg naar Celendin is in het begin nog goed, maar al snel wordt dit een ramp. De vele gaten in de weg maken er geen plezierrit van. In de "pick-up" van Marchal is geen plaats genoeg is voor 6 personen. Daarom zitten Raf, Geert en ik vanachteren in de laadruimte in openlucht. Vermits het al een tijd niet geregend heeft vliegt het stof langs alle kanten rond. Het duurt dan ook niet lang of we zitten onder het stof.
Tegen de middag zetten we ons even aan de kant van de weg om wat te eten. Jeanne had nog wat eten gemaakt voor onderweg.
We laten het ons wel smaken.De rit gaat verder over de stoffige wegen. Onderweg zijn er vele wilde honden die de auto als een gek achterna lopen. Ze blaffen en springen als dolle honden. Ze proberen de wagen aan te vallen en bijten naar de wielen. Het duurt dan ook niet lang voordat er een hond onder het wiel terecht komt. Kaiit kaiit..Na een helse rit komen we in de late namiddag aan in Celendin. We worden hartelijk ontvangen door de kennissen van de familie Blanco. In hun woning zullen we ook de nacht doorbrengen. Na kennis gemaakt te hebben vertrekken we naar een wat verder gelegen uitkijk plaats. De rit er naar toe is wederom vreselijk. Ik ben helemaal dooreen geschud.
Een uitzicht daarentegen is adembenemend. Je kan hier zeer ver kijken over een soort van canyon. Het geluid word ook goed overgedragen. Diep beneden in het dal hoor ik muziek. Het is een prachtig uitzicht. Als we terugkeren wacht ons in Celendin een avondmaal bij het gastgezin. Na het avondmaal is er ook hier een feest in het dorp met vuurwerk. En ook hier weer hetzelfde liedje. Omdat ik zo groot en blond van haar ben word ik weer bekeken als het zoveelste wereldwonder. Ik begin het stilaan wel gewoon te worden. Ik denk dat ik er eens wat geld voor moet gaan vragen.Vuurwerk aansteken lijkt hier een plezierige gebeurtenis. Het word gewoon van uit de hand afgeschoten. Soms ontploft er een op de grond. Wanneer Raf en ik naar het toilet gaan stuiten we aan een cafe op een groepje Peruanen die ons “Picso-cola” aanbieden. (Pisco is een soort jenever). De fles en een beker worden doorgegeven en iedereen neemt keer op keer een goede slok. Na een paar glazen wordt er een tweede fles besteld. Ja, die Peruanen weten wat feest vieren is. Intussen wordt de grote vuurwerktoren aangestoken. Het is wel niet zo spectaculair dan in Cajamarca, maar het kan ermee door.
Als we terug aankomen bij de kenissen, wordt ons de slaapplaats toegewezen. Ik slaap op de grond op mijn matje en in mijn slaapzak. Nu moet ik weer denken aan wat Tino (onze gids van het regenwoud) zei over de “housespider”. Deze spin komt voor in huizen en een beet is dodelijk. Wanneer ze in het nauw gedreven wordt valt ze aan. Ik hoop dat er deze nacht zo geen spin over mijn slaapzak wandelt.